Job 39

1 Zult gij voor den ouden leeuw roof jagen, of de graagheid der jonge leeuwen vervullen? 2 Als zij nederbukken in de holen, en in den kuil zitten, ter loering? 3 Wie bereidt de raaf haar kost, als haar jongen tot God schreeuwen, als zij dwalen, omdat er geen eten …

Job 40

1 En de HEERE antwoordde Job uit een onweder, en zeide: 2 Gord nu als een man uw lenden; Ik zal u vragen, en onderricht Mij. 3 Zult gij ook Mijn oordeel te niet maken? Zult Gij Mij verdoemen, opdat gij rechtvaardig zijt? 4 Hebt gij een arm gelijk God? …

Job 41

1 Niemand is zo koen, dat hij hem opwekken zou; wie is dan hij, die zich voor Mijn aangezicht stellen zou? 2 Wie heeft Mij voorgekomen, dat Ik hem zou vergelden? Wat onder den gansen hemel is, is het Mijne. 3 Ik zal zijn leden niet verzwijgen, noch het verhaal …

Job 26

1 Maar Job antwoordde en zeide: 2 Hoe hebt gij geholpen dien, die zonder kracht is, en behouden den arm, die zonder sterkte is? 3 Hoe hebt gij hem geraden, die geen wijsheid heeft, en de zaak, alzo zij is, ten volle bekend gemaakt? 4 Aan wien hebt gij die …

Job 42

1 Toen antwoordde Job den HEERE, en zeide: 2 Ik weet, dat Gij alles vermoogt, en dat geen van Uw gedachten kan afgesneden worden. 3 Wie is hij, zegt Gij, die den raad verbergt zonder wetenschap? Zo heb ik dan verhaald, hetgeen ik niet verstond, dingen, die voor mij te …

Job 27

1 En Job ging voort zijn spreuk op te heffen, en zeide: 2 Zo waarachtig als God leeft, Die mijn recht weggenomen heeft, en de Almachtige, Die mijner ziel bitterheid heeft aangedaan! 3 Zo lang als mijn adem in mij zal zijn, en het geblaas Gods in mijn neus; 4 …

Joel 1

1 Het woord des HEEREN, dat geschied is tot Joel, den zoon van Pethuel: 2 Hoort dit, gij oudsten! en neemt ter oren, alle inwoners des lands! Is dit geschied in uw dagen, of ook in de dagen uwer vaderen? 3 Vertelt uw kinderen daarvan, en laat het uw kinderen …

Job 28

1 Gewisselijk, er is voor het zilver een uitgang, en een plaats voor het goud, dat zij smelten. 2 Het ijzer wordt uit stof genomen, en uit steen wordt koper gegoten. 3 Het einde, dat God gesteld heeft voor de duisternis, en al het uiterste onderzoekt hij; het gesteente der …

Joel 2

1 Blaast de bazuin te Sion, en roept luide op den berg Mijner heiligheid; laat alle inwoners des lands beroerd zijn, want de dag des HEEREN komt, want hij is nabij. 2 Een dag van duisternis en donkerheid, een dag van wolken en dikke duisterheid, als de dageraad uitgespreid over …

Job 29

1 En Job ging voort zijn spreuk op te heffen, en zeide: 2 Och, of ik ware, gelijk in de vorige maanden, gelijk in de dagen, toen God mij bewaarde! 3 Toen Hij Zijn lamp deed schijnen over mijn hoofd, en ik bij Zijn licht de duisternis doorwandelde; 4 Gelijk …