Job 9

1 Maar Job antwoordde en zeide: 2 Waarlijk, ik weet, dat het zo is; want hoe zou de mens rechtvaardig zijn bij God? 3 Zo Hij lust heeft, om met hem te twisten, niet een uit duizend zal hij Hem beantwoorden. 4 Hij is wijs van hart, en sterk van …

Job 25

1 Toen antwoordde Bildad, de Suhiet, en zeide: 2 Heerschappij en vreze zijn bij Hem, Hij maakt vrede in Zijn hoogten. 3 Is er een getal Zijner benden? En over wien staat Zijn licht niet op? 4 Hoe zou dan een mens rechtvaardig zijn bij God, en hoe zou hij …

Job 10

1 Mijn ziel is verdrietig over mijn leven; ik zal mijn klacht op mij laten; ik zal spreken in bitterheid mijner ziel. 2 Ik zal tot God zeggen: Verdoem mij niet; doe mij weten, waarover Gij met mij twist. 3 Is het U goed, dat Gij verdrukt, dat Gij verwerpt …

Job 11

1 Toen antwoordde Zofar, de Naamathiet, en zeide: 2 Zou de veelheid der woorden niet beantwoord worden, en zou een klapachtig man recht hebben? 3 Zouden uw leugenen de lieden doen zwijgen, en zoudt gij spotten, en niemand u beschamen? 4 Want gij hebt gezegd: Mijn leer is zuiver, en …

Job 12

1 Maar Job antwoordde en zeide: 2 Trouwens, omdat gijlieden het volk zijt, zo zal de wijsheid met ulieden sterven! 3 Ik heb ook een hart even als gijlieden, ik zwicht niet voor u; en bij wien zijn niet dergelijke dingen? 4 Ik ben het, die zijn vriend een spot …

Job 13

1 Ziet, dat alles heeft mijn oog gezien, mijn oor gehoord en verstaan. 2 Gelijk gijlieden het weet, weet ik het ook; ik zwicht niet voor u. 3 Maar ik zal tot den Almachtige spreken, en ben belust mij te verdedigen voor God. 4 Want gewisselijk, gij zijt leugenstoffeerders; gij …

Job 14

1 De mens, van een vrouw geboren, is kort van dagen, en zat van onrust. 2 Hij komt voort als een bloem, en wordt afgesneden; ook vlucht hij als een schaduw, en bestaat niet. 3 Nog doet Gij Uw ogen over zulk een open; en Gij betrekt mij in het …

Job 15

1 Toen antwoordde Elifaz, de Themaniet, en zeide: 2 Zal een wijs man winderige wetenschap voor antwoord geven, en zal hij zijn buik vullen met oostenwind? 3 Bestraffende door woorden, die niet baten, en door redenen, met dewelke hij geen voordeel doet? 4 Ja, gij vernietigt de vreze, en neemt …

Job 16

1 Maar Job antwoordde en zeide: 2 Ik heb vele dergelijke dingen gehoord; gij allen zijt moeilijke vertroosters. 3 Zal er een einde zijn aan de winderige woorden? Of wat stijft u, dat gij alzo antwoordt? 4 Zou ik ook, als gijlieden, spreken, indien uw ziel ware in mijner ziele …

Job 1

1 Er was een man in het land Uz, zijn naam was Job; en dezelve man was oprecht, en vroom, en godvrezende, en wijkende van het kwaad. 2 En hem werden zeven zonen en drie dochteren geboren. 3 Daartoe was zijn vee zeven duizend schapen, en drie duizend kemelen, en …